Wij reizen om te leren …
Van 18 tot 23 September hadden wij een korte vakantie in Villers-le-Lac , een dorpje in het Jura gebergte aan de Franse kant . De rivier ‘Le Doubs’ (de twijfelaar) zorgt er op een natuurlijke wijze voor de grens met Zwitserland .
Op onze korte vakantie in het Jura gebergte heb ik de eer gehad een voormiddag te kunnen doorbrengen met twee leeftijdgenoten van mij : Jean-Pierre en Jean-Claude , vrienden al sinds hun jeugd .
JC is de eignaar van onze Gite , zoon en kleinzoon van een horlogemaker en JP is ex werknemer van Bulova in Villers-le-Lac en huidig museumconservator van het horlogemuseum van de gemeente .
Waar wordt er dan zoal over gepraat dacht je ?
Beide mannen zitten propvol Jura-horlogegeschiedenis en zijn ook even gefrustreerd over het verloop ervan .
Dus ‘voila’ een verhaal van tussen de koffie en de croissants dat ik jullie niet wil onthouden :
Het Jura gebergte werd bewoond door bijna uitsluitend landbouwers . In de winter is de streek redelijk ontoegangkelijk en vroeger was dat ook al zo 
Enkele pientere heerschappen kwamen op het idee om 's winters , als er toch niet kon geboerd worden , de heren landbouwers thuiswerk aan te bieden .
Ze lieten de mannen onderdelen voor horloges maken . Een afgevaardigde van de werkgevers deed wekelijks de ronde . Hij leverde de nodige grondstoffen en nam de afgewerkte onderdelen mee .
Iedere thuiswerker werd per stuk betaald en dat gebeurde zowel in Frankrijk als in Zwitserland .
De betaling gebeurde niet bij aflevering van de goederen maar slechts bij de volgende ronde . Dat kwam omdat het afgewerkte product van een thuiswerker meestal werd vervoerd naar een volgende die het dan bijvoorbeeld polijstte . Als die polijster dan enkele stukken van de vorige werker niet goed genoeg vond werden die dan ook van zijn loon afgetrokken .
Jullie kunnen je voorstellen dat deze betaalwijze voor de nodige spanningen zorgde .
Om een voor de hand liggende reden werden de thuiswerkers al snel lachend de mannen van het werk voor het raam genoemd maar men noemde ze ook de mannen van het werk onder de handdoek .
Dat kwam omdat , gezien de betaling per stuk gebeurde , al die mannen zaten te experimenteren hoe ze hun werk vlotter of sneller of efficiënter konden doen .
Als er dan iemand binnen kwam ging de handdoek over de werktafel .
De uitleg was dan dat die handdoek er was om het werk stofvrij te houden maar eigenlijk wilden ze hun experimenten en hun
vindingen en uitvindingen maar vooral hun zelfgemaakt gereedschap voor zichzelf houden .
Later explodeerde het thuiswerk zodanig dat heel wat landbouwers stopten met de boerenstiel .
Winter en zomer zaten ze thuis te werken . Bovendien werden de kinderen ingezet voor het voorbereidende werk en de vrouwen deden het heel fijne werk .
In Zwitserland werden verenigingen opgericht (een soort van vakbonden) die de
thuiswerkers beschermden . Die verenigingen zorgden er ook voor dat al de vergaarde kennis , vindingen , uitvindingen en gereedschappen , beschermd werden en op naam werden geregistreerd . Die verenigingen gingen in die kennis ook een handeltje voeren en verkochten ze door aan … alleen maar Zwitsers .
Aan de Franse kant van de grens gebeurde er niets .
De kennis bleef onder de handdoeken zitten en zit daar nu nog . Er zijn nog enkele bijna honderd jarigen in de streek die nog steeds de mentaliteit hebben hun eigen verworven kennis verborgen te houden .
JP kent bijvoorbeeld een in de negentig jaar oude rakker die zijn beven onder controle heeft en die hij uitnodigd om in het museum demonstraties te geven met een eigen ontworpen apparaat dat dient om balanswielen te polijsten .
Hij zegt steevast : "Non merci " .
De eerder genoemde frustratie van mijn twee Franse vrienden zit 'm dan ook in het feit dat na de reuzedip die het mechanisch horloge meemaakte met de opkomst van de quartz de wederopstart ervan in Zwitserland relatief eenvoudig was .
Al de kennis en de know-how waren bijgehouden en geregistreerd .
De Franse horlogerie is hierdoor ei zo na dood .
Yo , Manu .

.