Na een lange middag gezwoegd en gesjouwd te hebben, is het eindelijk tijd om te relaxen met wat muziek. Ik had vandaag wat meer zin in iets zwaarders, dus dit is mijn selectie.
Overkill - The Years Of Decay, een legendarisch album van een naar mijn mening ondergewaardeerde thrash-metalband.
Misfits - Collection 2, een tweede compilatie van een van de meest legendarische punkbands ooit. Ik luister al jaren naar deze band, maar tot recent had ik nog steeds geen album van ze, wel een shirt, daar is nu verandering in gekomen.
Judas Priest - Unleashed In The East, ik spaarde al de andere albums van deze band, vandaag kwam deze nog aan met de post. Een goed live-album met een goed geluid. Bijna iedere Metalhead vind Priest leuk, toch?
Om de pols zit een felroze G-Shock DW-6900, die ik jaren geleden in een kringloop heb gescoord voor een paar euro, past goed bij de wilde muziek.
Deze kwam ik, samen met een aantal andere plaatjes van bands waarvan ik het bestaan niet wist, tegen in een kringloopwinkel in Denekamp.
Soms moet je de gok gewoon wagen. Maar vaker kun je dat beter niet doen. Zo ook in dit geval.
Onlangs bij een concert geweest van filmmuziek door de Nordwestdeutsche Philharmonie dat een blik met nostalgische gevoelens opentrok. De James Bond en Out of Africa muziek van John Barry smaakte naar meer en dus op Discogs een geneusd voor wat geluidsdragers in die richting. De openingsklanken van de Persuaders (de Versierders zoals ze in Nederland heetten) brachten me weer terug naar mijn vroege jeugd. Erg tof.
Goedemorgen,
Vandaag drie stuks waarbij het niet om het muziekplaatje gaat, maar om het fotoplaatje - of beter: autoplaatje.
Ik snap eerlijk gezegd niet waarom je op een Simca 1000 zou poseren, want afgezien van de rally versie waren het toch vrij suffe auto’s met het motorblok achterin. Maar uit nostalgisch oogpunt is het nu heerlijk om te zien. Dit hoesje is uit 1963.
Muzikaal gezien is Claude François toch wel van enige betekenis: van hem is de oorspronkelijke versie van “My way” uit 1967 dat we in de door Paul Anka vertaalde versie van Frank Sinatra (of desnoods van Sid Vicious) kennen, en ook het door Bob Bouber onsterfelijk gemaakte “De telefoon huilt mee” is van Claude François. Ik had ChatGTP gevraagd voor welk merk auto hij hier poseerde, maar die kwam drie keer met een verkeerd merk aanzetten, en toen ben ik zelf maar gaan zoeken. Het is dus Claude François zijn eigen Ferrari 250 GTE. Hoesje is uit 1964.
De BMW 3.0 CS zal ongetwijfeld juist niet de eigen auto van Ray Miller zijn, want anders had hij vast niet voor de foto met zijn schoenen dat nummerbord zo krom getrapt. Het enige dat over Ray Miller vermeldenswaard is, is een duitstalig duet met onze eigen Bonny St. Claire in 1970. Deze is uit 1971.